Het Binnenvaartpolitiereglement (BPR) versie 1-7-2025 t/m heden
6.21
Manoeuvreerbaarheid van schepen en van samenstellen
1.
Een motorschip dat zorgt voor de voortbeweging van een samenstel moet een vermogen hebben dat voldoende is om de goede manoeuvreerbaarheid daarvan te verzekeren.
2.
Een motorschip, een duwstel en een gekoppeld samenstel waarvan de lengte meer dan 110 m bedraagt alsmede een motorschip, een duwstel en een gekoppeld samenstel die op een vaarweg waar stroom loopt vóór stroom varend niet kunnen keren, moeten tijdig zonder te keren kunnen stilhouden en zij moeten tijdens en na het stilhouden volledig manoeuvreerbaar blijven.